P E R S O O N L I J K E O N T W I K K E L I N G |
P R I
“Afscheid van je kinderpijn”
Ook een heel 'gewone' opvoeding laat vaak pijnlijke sporen na in je leven. Met
de therapeutische methode PRI - Past Reality Integration - reken je er zlf
voorgoed mee af.
Tekst: Arianne Colle - Illustratie - Anna Boterman

“Het begon allemaal rondom de geboorte van mijn eerste kind. Tot dat moment had
mijn leven er van buiten probleemloos uitgezien. Ik werkte hard en succesvol als
consultant en coach in het bedrijfsleven. Totdat er priv en op mijn werk een aantal
nare dingen gebeurden. Ik kreeg een burn out. Voor mijn gevoel van uitputting en
wanhoop zocht ik allerlei verklaringen in het heden: te veel hooi op mijn vork etc.
Ik ging in gesprekstherapie en de therapeute gaf mij goddank een boek van Alice
Miller te lezen. Dat sloeg bij mij in als een bom. Miller schreef over de sporen
die ook een gewone opvoeding bij kinderen achterlaat. Miller zette uiteen dat onze
maatschappij blind is voor de emotionele behoeften van kinderen. Haar boodschap
raakte mij, product van een gezonde Hollandse opvoeding’, recht in het hart. Ik
had vroeger nooit mogen falen en wilde nog steeds altijd alles goed doen.”
“Uiteindelijk heb ik mijn kennis en ervaring op het gebied van gedrag, cognitie,
aandacht en bewustzijn aangevuld met Millers inzichten over de behoeften van kinderen
en de schadelijke gevolgen van een normale opvoeding.”
Zes jaar geleden ontwikkelde Ingeborg Bosch (45) de therapeutische methode PRI (Past
Reality integration). Het uitgangspunt daarvan is dat bijna alle pijnlijke emoties
die we in het heden ervaren, wortelen in onze kindertijd. Meer therapien zijn gebaseerd
op dat principe, maar toch is er verschil. “PRI kenmerkt zich door een zeer concrete
en gentegreerde aanpak van zowel denken, voelen en handelen”, aldus Bosch. Alle
drie de ingangen krijgen daarbij evenredige aandacht. PRI geeft een clint een gedetailleerd
instrument in handen waarmee hij of zij zelfstandig heden en verleden op de juiste
wijze kan ontwarren, zodat de betreffende persoon voorgoed kan afrekenen met de
destructieve invloed van oud zeer.”
“Na het lezen van mijn boeken De herontdekking van het ware zelf of Illusies begrijpen
veel mensen eindelijk echt wat er met hen aan de hand is. Waarom ze sociaal zo bang
zijn of waarom ze zichzelf niets waard vinden. Daarnaast schrijven mensen dat ze
in PRI een benadering vinden waar ze al heel lang naar op zoek waren. Ze vinden
in PRI wat zij ervaren als de missing link’. Kijk, in veel therapien ligt de nadruk
f op het denken, f op het voelen, f op het heden, f op de jeugd.”
Hoe ziet PRI er in de praktijk uit? Wordt er gepraat? Worden
er oefeningen gedaan? En wat is de essentie van je methode?
“Waar het in PRI om gaat is in het nu leren zijn, zonder bevangen te worden door
het verleden. Het heden wordt bij vrijwel ieder een enorm belast door ervaringen
uit de prille jeugd, uit een voorbije realiteit dus. Onverklaarbare psychische problematiek
wijst bijna altijd op onverwerkte oude pijn. Wat een kind nodig heeft, krijgt het
vaak niet. Kinderen hebben behoefte aan lichamelijke en emotionele veiligheid, begrip,
steun, stimulans, respect voor hun eigen identiteit, liefdevolle aandacht. In plaats
daarvan worden ze vaak gedwongen zich aan regels te houden die ze niet snappen,
worden ze gestraft omdat ze ‘lastig’ zijn, worden ze met te weinig respect behandeld.
Ouders zijn meestal niet in staat om aan de behoeften van hun kinderen te voldoen.
En dat heeft grotendeels weer te maken met het feit dat ze hun eigen pijn als kind
hebben verdrongen. Als kind ontwikkel je afweermechanismen tegen pijn en die gebruik
je als volwassene nog steeds. Met PRI ga je die afweer afbreken. Dat doe je in een
aantal stappen.”
“Allereerst leer je jezelf te observeren, dit is het cognitieve gedeelte. Daartoe
krijgen clinten huiswerkopdrachten mee. Je leert te herkennen wanneer je in de
afweer schiet. Je traint jezelf alert te worden op heftige ‘- buitenproportionele
- reacties en die te analyseren als je een beetje bent ‘afgekoeld’.”
‘De wereld is groter geworden’
Tike (39) is getrouwd, heeft twee dochters van 9 en 11 jaar en doet sinds een
jaar PRI. Op haar opleiding tot maatschappelijk werkster hoorde ze altijd dat
ze moest accepteren wie ze was: “Je moet leren omgaan met je eigen mogelijkheden
en beperkingen’, zeiden opleiders. Maar daar kon ik steeds minder mee. Want
ik was eigenlijk een onzeker en angstig mens. Halverwege De herontdekking van
het ware zelf heb ik zitten huilen van herkenning. Ik besefte dat mijn angst
en onzekerheid vormen van afweer waren en ik begreep dat ik mijn angst niet
hoefde te ‘accepteren’ maar dat ik er iets aan kon doen. Toen heb ik me aangemeld
als clint. Ironisch genoeg moest ik gelijk met mijn angst om auto te rijden
aan de slag, want de therapeut was slecht bereikbaar met het openbaar vervoer.
Tijdens een van de eerste gesprekken werd me duidelijk dat mijn angst niets
met het nu te maken had. Dat inzicht gaf me al veel lucht. Daarna ben ik de
oude pijn onder de angst gaan ervaren. Nu, een jaar later, stap ik met gemak
de auto in. De wereld is op alle fronten groter geworden. Ik durf nu te zeggen
wat ik vind, voel me niet meer ongemakkelijk in winkels en ga zelfs in mijn
eentje naar de film. Dat had ik een jaar geleden voor onmogelijk gehouden. Eerst
was ik bang dat ik door PRI niet meer met mijn ouders zou kunnen omgaan. Want
er kwamen tijdens de gesprekken veel nare dingen van vroeger naar boven. Zo
werd me als kind voortdurend vertelt dat ik van alles niet kon. Maar ik ga nog
steeds met mijn ouders om, al is ons contact wel anders geworden. Er is vroeger
van alles gebeurd dat niet had mogen gebeuren, maar ik zie ook dat mijn ouders
het product van hun opvoeding zijn.”
“De tweede stap is dat je ophoudt met het afweergedrag. Hier ga je dus aan het werk
met je gedrag. Stel dat je altijd weer boos wordt als je man’s avonds laat thuiskomt,
dan probeer je de eerstvolgende keer dus niet boos te worden. Als hij binnenkomt
zeg je Hallo’ en kijkje welk gevoel er dan naar boven komt in de plaats van je gebruikelijke
boosheid.”
Dan kom je bij de derde fase terecht, de regressiefase:je laat de pijn toe die onder
de boosheid zit. De eerste tijd doe je dat onder begeleiding van de therapeut en
later leer je dat eigenhandig te doen. Dit is de fase van het voelen. Je beleeft
de pijn van vroeger en laat de waarheid toe. Met het toelaten van die pijn, door
deze te labelen als oude pijn en los te maken van je echtgenoot ben je een heel
eind op streek.”
“In de laatste, vierde, fase ben je zover dat symbolische’ situaties - situaties
die aan oude pijn raken -je niet meer als een golf overspoelen. Je bent je ervan
bewust,je weet welke pijn eronder zit en dat die thuis hoort in het verleden, voelt
die en kan daar na het verleden en heden ontwarren.”
“Met PRI open je dus niet alleen het oude bestand’ door de oude, verdrongen pijn
te voelen, maar voeg je ook nieuwe informatie toe, namelijk: dit is oud, z erg
is het cht geweest, maar dit staat los van het heden.’ Je raakt bijvoorbeeld doordrongen
van het feit dat je nu niet meer machteloos bent.”
Je noemt PRI zelf een bewustzijnsleer dan een therapie. Waarom?
“De basis van PRI is zelfobservatie en voortdurend bewustzijn. Het trainen van je
bewustzijn is een noodzakelijke voorwaarde; zonder dat is PRI per definitie niet
mogelijk. Dat bewustzijn is nodig omdat we voortdurend door onze gedachten en gevoelens
worden misleid. Ik ben boos op mijn buurman en denk dat mijn buurman daarvan de
oorzaak is. Maar als ik goed kijk, blijkt mijn buurman als symbool te fungeren!
Veel van onze gedachten en gevoelens zijn een illusie.”
Wat zijn volgens jou de manco’s van andere therapien?
“Verschillende therapien helpen je om een ander type afweermechanisme te kiezen
en de oude pijn te omzeilen of verder weg te drukken. De therapeut spoort je dan
aan om bijvoorbeeld boos te worden in plaats van je erachter schuilgaande machteloosheid
toe te laten, Of hij of zij zegt dat ieder mens prachtig is. Jij ook! En er wordt
tegenwoordig heel veel gewerkt met dat wat er is’. Dat mag er dan zijn. Maar ons
bewustzijn houdt ons met veel gevoelens voor de gek, misleidt ons! We denken het
heden te zien en zien het verleden. Daarom biedt het weinig soelaas om met die gevoelens
te werken of te zeggen dat die gevoelens er mogen zijn. Soms wordt er juist weer
wel aandacht aan de oude pijn besteed, maar wordt het oude bestand’ alleen maar
geopend’ en niet bewerkt’. Ook dat lost weinig op. Een ander manco van veel gangbare
therapien is dat je enkele nieuwe vaardigheden leert, zoals assertiever optreden
of zeggen wat je voelt, maar zodra je echt weer in de problemen komt, heb je de
therapeut opnieuw nodig. PRI biedt clinten een methode die ze met behulp van huiswerkopdrachten
en gesprekken zelf leren hanteren. In n tot twee jaar geeft PRI mensen zelf de
sleutel in handen.
‘Ik was nooit de moeder die ik wilde zijn’
Nadat Marianne (38) De herontdekking van het ware zelf had gelezen, wist ze
meteen dat ze met PRI iets belangrijks te pakken had. Twee dingen spraken haar
aan: “Ik worstelde al lang met het feit dat ik regelmatig erg boos op mijn kinderen
werd terwijl ik dat absoluut niet wilde. lngeborg Bosch bleek die boosheid een
afweermechanisme te noemen dat je met PRI kunt ontmantelen Het tweede wat me
aansprak was het diepe begrip van de schrijfster voor hoe pijnlijk het voor
kinderen is om totaal afhankelijk te zijn van een of twee mensen waar van je
niet krijgt wat je als kind nodig hebt. Als je ouders, die je nodig hebt om
te overleven, niet altijd even beschermend zijn, maar je soms ook ‘aanvallen’,
kan je daar als kind heel eenzaam van worden. Daarom vond ik het ook zo vreselijk
dat ik vaak boos werd op mijn kinderen en mijn oudste zoon uit pure machteloosheid
regelmatig een tik gaf. Hoezeer ik ook mijn best deed, ik was nooit de moeder
die ik zo graag wilde zijn. Hoeveel opvoedingsboeken ik ook las! En daar werd
ik dan heel somber van. Want terwijl ik wilde dat mijn kinderen blij en gelukkig
door het leven gingen, kon ik zien dat ik soms afschuwelijk voor ze was.”
Na vijf therapiegesprekken met Ingeborg Bosch werd de boosheid minder. Marianne
kwam in die gesprekken bij allerlei pijn van vroeger terecht. “Ik herinnerde
me bijvoorbeeld hoe ik als kind lag te huilen, getroost wilde worden en mijn
moeder maar niet kwam. Ik voelde de pijn van de machteloosheid. Ik leerde om
die pijn te voelen, en te zien dat mijn boosheid fungeerde als afweer om die
pijn maar niet te voelen. Voorheen wilde ik eigenlijk dat mijn kinderen aan
mijn behoeften voldeden. Dat ze deden wat ik prettig vond, zodat ik me niet
naar ging voelen. Nu, drie jaar later, is er een last van mijn schouders gevallen.
Ik loop letterlijk rechtop en niet meer met gebogen schouders. Dankzij PRI ben
ik niet meer zwaar en somber. Maar het is een tijdrovend proces geweest om de
dertig jaar afweer die ik had opgebouwd, af te breken.
PRI is ontwikkeld in 2000. Naast Ingeborg Bosch zelf, geven 18 therapeuten (in
opleiding) PRI-begeleiding.
Meer informatie: www.PRlonline.nl.
Literatuur:
Ingeborg Bosch, lllusies. Over bevrijding uit de doolhof van emoties.
Veen, 2003
Ingeborg Bosch, De herontdekking van het ware zelf, Veen, 2000
Alice Miller, In den beginne was er opvoeding. Van Holkema & Warendorf/Unieboek,
1983
Alice Miller, Het drama van het begaafde kind. Van Holkema & Warendorf/Unieboek,
1981
Ingeborg Bosch (1960) ontwikkelde, genspireerd
door de samenwerking met psychotherapeut Jean Jenson, een nieuwe
psychotherapie: Past Reality Integration (PRI). Over PRI schreef
zij ‘De herontdekking van het ware zelf’ (2000).
Ingeborg Bosch is gezondheidszorgpsycholoog en geeft individuele
psychotherapie en groepstherapie.
Sinds 2000 verzorgt zij ook een opleiding tot PRI therapeut voor
beroepsbeoefenaren in de geestelijke gezondheidszorg.
Een artikel uit het tijdschrift JONAS februari 2006 |
|
| |
|